Mindfulness en het groene medicijn

Als ik in mijn cursussen navraag wat deelnemers zoal doen om tot rust te komen, dan is wandelen in de natuur en tuinieren één van de meest voorkomende activiteiten. Maar ondersteun wetenschappelijk onderzoek wel die algemeen aanvaarde opvatting dat vertoeven in het groen gezond en stressreducerend is?

Ik zocht het op en stond ronduit versteld over de hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek dat er de laatste jaren verschenen is over de relatie tussen natuurbeleving en onze mentale én lichamelijke gezondheid. 

Ik verdiepte me erin en het werd een nieuwe cursus: Gezond blijven door mindfulness en natuurbeleving.

Wat die mindfulness er dan bij komt doen, vraag je je misschien af. Dat lees je verder in de tekst. Maar eerst even proeven van het wonderlijke wetenschappelijk onderzoek waarop de cursus geïnspireerd is en dat mij alvast geënthousiasmeerd heeft. Jou misschien ook?

Natuur op doktersvoorschrift 

Zo noemt het boeiende project waarin de artsen Dirk Avonts, Hans Keune en Roy Remmen het effect van natuurbeleving op onze gezondheid in kaart brengen. Je zou verwachten dat het uitsluitend over ‘mentale gezondheid’ zou gaan, maar dat is een ferme onderschatting van het groene medicijn.

Zo laten ‘een aantal experimenten zien dat het immuunsysteem beter functioneert wanneer er regelmatig contact is met natuur. Een boswandeling stimuleert de activiteit van ‘natural killer cellen’, die onder andere betrokken zijn bij de afweer tegen kankercellen. Dat effect houdt relatief lang aan, want na een maand lag de activiteit van deze specifieke immuuncellen nog steeds 23% hoger dan voor de interventie van boswandelingen. Wandelingen in een bosrijke omgeving verminderen de activiteit van cytokines, een boodschapperstof van het immuunsysteem en een parameter voor chronische ontsteking.’

Het breedspectrum effect van natuurbeleving

Om enig idee te geven van het breedsprectrum effect van natuurbeleving, enkele voorbeelden op gebied van lichamelijke klachten: ‘Recent onderzoek laat zien dat het groen-effect op de voorkoming van diabetes wel eens veel groter zou kunnen zijn dan tot nu toe bleek uit epidemiologisch onderzoek, mogelijk een halvering van het risico om diabetes te ontwikkelen.’

Ook het groen-effect in de leefomgeving heeft een niet te onderschatten effect op onze weerstand en veerkracht: ‘Bewoners in een straat met veel groen zagen het risico op een ischemische hartaandoening verlaagd met twee derde ten opzichte van inwoners met het minste straatgroen.’

Versterk de veerkracht

Gezondheid wordt niet louter gezien als ‘afwezigheid van ziekte’, maar eerder als het vermogen om te herstellen. Iedereen wordt wel eens ziek, maar het is de veerkracht die bepalend is voor het herstelproces en dus de kwaliteit van ons leven.

Natuurbeleving zorgt in eerste instantie voor een gezonder evenwicht binnenin het autonome zenuwstelsel. In onze hectische levensstijl is de stressrespons veel te dominant en zorgt natuurbeleving voor een herstel van het mentaal evenwicht. 

Natuur als tranquilizer 

Professor Gregory Brandman voerde aan de Stanford universiteit onderzoeken uit die via fMRI breinscans aantoonden dat stappen in de natuur een sterke afname in het rumineren ontlokt, waarmee nogmaals aangetoond is dat aandachtig vertoeven in de natuur een effectieve manier is om piekeren te counteren. Zelfs nog maar het kijken naar een landschap, plant of insect in de natuur had een indrukwekkend, meetbaar effect (vandaar ook mijn project ‘Kijkrust’).

Een ander aantoonbaar effect is de impact op mentale vermoeidheid en aandachtsstoornissen. We worden voortdurend overprikkeld door informatie die als een continue zwerm informatiebeestjes vanuit schermpjes ons hoofd binnendringen. De continue verwerking daarvan leidt tot mentale oververmoeidheid en uitputting. David Strayer, een cognitieve neurowetenschapper verbonden aan de universiteit van Utah, heeft tientallen onderzoeken op zijn naam die aantonen dat op een actieve maar gefocuste manier in de natuur vertoeven (kijken, tuinieren) niet alleen tot reductie van mentale vermoeidheid leidt, maar ook creativiteit en een ruimere perceptie op de dingen stimuleert: “If you’ve been using your brain to multitask—as most of us do most of the day—and then you set that aside and go on a walk, without all of the gadgets, you’ve let the prefrontal cortex recover. And that’s when we see these bursts in creativity, problem-solving, and feelings of well-being.”

Liefdevoller 

Een ander, misschien onverwacht effect is dat het vertoeven in de natuur een mindfulness kwaliteit ontlokt die essentieel is, namelijk deze van liefdevolle aanwezigheid, vriendelijkheid en generositeit. Men vergeleek de dienstbaarheid en de mate waarin morele dilemma’s ethischer werden benaderd bij twee groepen: eentje die voorafgaand werd gevraagd om (slechts) één minuut naar bomen te kijken en een ander naar een hoge building. Vervolgens deed men een experimentele test met betrekking tot dienstbaarheid en moraliteit. Het verschil was indrukwekkend.

Meer bomen, minder antidepressiva

Leipzig werd het onderzoeksterrein van Europese wetenschappers die de kwantiteit, de dichtheid en de soortenrijkdom van bomen in de straat koppelden aan het aantal bewoners dat antidepressiva nam. De associatie tussen bomendichtheid en minder antidepressiva was duidelijk in een omtrek van 100 meter rondom de woning.

Over de behandeling van depressie noteren de artsen Dirk Avonts, Hans Keune en Roy Remmen het volgende: ‘Van mindfulnessoefeningen, aandachtigheid voor het hier en nu, is bekend dat ze een antidepressieve behandeling ondersteunen en herval van een depressieve toestand kunnen voorkomen. Het lijkt dan ook een bijzonder goed idee voor mensen die herstellen van een depressie om mindfulness oefeningen in de natuur te doen.

Ook cognitieve gedragstherapie behoort tot de basisbehandeling van een depressie. Deze gesprekstherapie gaat ervan uit dat dat gedachten en gedrag van een persoon de problemen en de negativiteit in stand houden. Tijdens sessies cognitieve gedragstherapie leren patiënten anders kijken naar problematische situaties. Dat laat hen toe om er op een andere manier mee om te gaan, waardoor meer hoop en positieve associaties opkomen. Wat zou het effect zijn als de sessies plaatsvinden in een groene omgeving? Na drie maanden therapie (eenmaal per week) in een bosrijke omgeving vertoonden 60% van de patiënten een remissie van hun depressie, vergeleken met 21% remissie bij een vergelijkbare groep patiënten die cognitieve gedragstherapie ontvingen in de spreekkamer van de therapeut.

In hun publicaties bespreken deze artsen tientallen onderzoeken die aantonen dat aandachtige natuurbeleving een veel groter effect heeft dan we ooit hadden gedacht.

De uitspraken in hun onderzoek zijn niet vrijblijvend maar deontologisch stevig onderbouwd door uitgebreide wetenschappelijke literatuurverwijzing. Ook de Hogeschool Gent (HOGENT) deed literatuuronderzoek naar de invloed van een groene omgeving op de mentale gezondheid.

Dit is waar mindfulness in het verhaal komt.

Het is niet het aanwezig zijn in de natuur, het wandelen in bossen of parken, het werken in je tuin dat deze effecten geeft. Als je intussen aan het malen of piekeren bent, kom je meer gespannen en dus ongezonder terug van je natuurbeleving.  Het gaat om het aandachtig aanwezig zijn in de natuur, het aandachtig wandelen in bossen of parken, het gefocust werken in je tuin en die aandachtsgerichte houding noemen we mindfulness. Dus als ik spreek over natuurbeleving dan bedoel ik mindvolle of aandachtvolle natuurbeleving, en dat is waar mindfulness in het verhaal komt.

Naast de eigenschap van volle aandacht zijn er nog reeks andere kenmerken van mindfulness die een rol spelen in het effect van natuurbeleving. 

Tegengif

Het gefocust zijn op het ‘nu’ is wellicht een van de belangrijkste. Zij zorgt er immers voor dat de onrust die ontlokt wordt door preoccupaties met de toekomst (Wat als-gedachten) en het verleden (‘Waarom’-gedachten) wordt gecounterd. Aandachtig aanwezig blijven in het huidig moment is immers het beste tegengif tegen de onruststokers in ons hoofd die steeds op de loer liggen om ons op te laden met negatieve emoties en lichamelijke spanning.

Spaar je kas

Wat je vanuit mindfulness ook leert is milder in de natuur te staan. Je kan natuurlijk je kas opvreten als de dingen niet lopen zoals je zou willen, maar dan beklaag ik jouw kas. Regen, droogte, zon, wind en vries komen immers niet op bestelling. De zaailingen komen dan weer uit op een heel ander tijdstip of op een heel andere plek of ze komen gewoon niet. En komt het wel uit, dan vaak niet zo perfect als je zou willen: de Sunville bloemen zijn verlept, de vijgen half opgesmuld door insecten, de courgetten en kosmos worden opgepeuzeld door de slakken en de mollen maken van je gazon een maanlandschap. 

Wat de natuur je snel leert is dit: als je door dit alles je kas opvreet, dan is je kas (en je omgeving) de enige die daar last van heeft. En dat wil je niet, want met een kapotte kas heb je geen goed leven en zonder kas heb je helemaal geen leven. Dus leer je te aanvaarden wat je niet veranderen kan. En daar is de methodiek van mindfulness behoorlijk goed in. 

Er bestaat geen depressieve roos

‘Vorig jaar plantte ik twaalfhonderd bollen, een aanvulling op de zevenhonderd en vijfhonderd van de twee voorgaande herfsten. Het tere groen kwam net tevoorschijn uit de muffe, winterlange sneeuw toen James stierf, en tegen eind maart stonden de bollen volop in bloei. Dingen in de natuur groeien gewoon – die gedachte is na James’ dood een terugkerend thema geworden – dingen in de natuur groeien gewoon totdat het tijd is dat ze sterven.’

De Chinees Amerikaanse schrijfster Yiyun Li verloor haar twee zonen aan suïcide. Vincent was 16 en vier jaar later volgde zijn broer James, op zijn 19e. Beiden waren belast met een erfelijke depressie, net zoals hun moeder.

In haar tuin in Princeton, waar ze doceert, bloeien duizenden bollen en elk jaar plant ze er nieuwe bij. 

Ze helpen haar doordat ze haar leren de feiten als feiten te zien: een bloem bloeit of niet, knapt af, verwelkt. Dat zijn feiten, net zoals de dood van haar kinderen een feit zijn. ‘In de natuur groeien de dingen gewoon. Er bestaat geen suïcidale of boze roos, er bestaat geen depressieve of rebelse lelie. Planten hebben maar één doel: leven. Om te leven groeien ze wanneer ze kunnen en gaan ze in rust als dat nodig is. Ze leven tot ze sterven. En ze sterven zoals de natuur het voorbestemd heeft.

Alleen ‘radicale acceptatie’ helpt, zegt Li vanuit haar ervaring om het tragische een plaats te geven.

De natuur bleek daartoe de beste leermeester en aandachtig in het huidig moment blijven leven de beste methodiek. 

Het werkwoord dat niet sterft is ’to be’. Vincent was en is en zal altijd Vincent zijn. James was en is en zal altijd James zijn. We waren en zijn en zullen altijd hun ouders zijn. Er is geen nu en toen, nu en later; alleen nu en nu en nu en nu.

Deze inzichten omzetten in de praktijk als een dagelijkse levenshouding is niet makkelijk. Het is geen quick-fix, het lost niet alles op en het blijft een uitdaging. Het is een leerproces en als je er praktisch mee wil kennismaken, dan kunnen mijn cursussen je misschien inspiratie en een wetenschappelijk goed onderbouwde methodiek bieden.

Je kan desgewenst intussen deze blogs lezen:

Of deze podcasts beluisteren:

© Wilfried Van Craen. Deze teksten worden opgenomen in een nieuw boek en zijn auteursrechtelijk beschermd.

Laat een reactie achter

Ik lees je graag. Het is heel fijn als je een reactie plaatst. Dat brengt leven in de brouwerij. Je emailadres is enkel om de bron van het bericht te verifiëren tegen spam, het wordt uiteraard niet gepubliceerd. Dank je wel voor je reactie!