Arken Museum, Ishøy

Over stondpunten en standpunten en de impact ervan op je leven

Abeelding: Arken Museum, Ishøy

Mijn stondpunt was dat je altijd een standpunt moet hebben.
Mijn standpunt is dat je het soms ook niet weet en dat dat oké is.

‘Stondpunt’! Wat een heerlijke term. 

Het verwijst naar een standpunt dat je had maar dat intussen veranderd is, gegroeid of getransformeerd door nieuwe ervaringen of voortschrijdend inzicht.

Hoe we denken, wat we onszelf toefluisteren, het verhaal dat we maken over wat ons toevalt is vaak een uitloper van dieperliggende opvattingen. Bijvoorbeeld: Mensen moeten mij graag hebben. Ik moet perfect zijn in wat ik doe. Mijn leven moet vlot lopen. 

Niet dat je dat ‘denkt’, maar het is wel een sterke geïnternaliseerde opvatting en wanneer de realiteit anders loopt – iemand heeft je niet graag, je doet het niet perfect, je maakt tegenslagen mee – dan word je daar zeer onrustig van want het strookt niet met je opvatting. 

Opvattingen zijn als yoghurt

Ze hebben een vervaldatum. 
Deze passie is voor altijd. Als je voor het eerst verliefd bent dan is de kans groot dat je daarvan overtuigd bent.

Met tijd en ervaring merk je soms dat dit niet altijd het geval is, de passie zachtjes uit het raam verdwijnt en iets anders in de plaats komt: liefde, diepe genegenheid, ouderschap. Je opvatting had de vervaldatum overschreden en heeft zich soepel aangepast aan de steeds veranderende werkelijkheid. 

Dat is gezond. 

Maar soms hebben we het daar moeilijk mee en blijven krampachtig spuiten met een vermeende fixeerspray.
Dat is niet zo gezond, want dan blijf je in een hopeloos gevecht. De realiteit wint het immers altijd van onze verwachting.
Het is echter wel zo, dat het niet altijd makkelijk is om taaie opvattingen los te laten die we als ‘zekerheden’ beschouwen, ook al zijn ze destructief.

Spuiten met de fixeerspray helpt niet

Op een bepaald moment kan je merken dat er een spanningsveld groeit tussen de opvatting die je hebt meegekregen en de veranderde realiteit die je zelf begint te ervaren. 
Enkele herkenningen van cursisten:

. “In het begin van ons huwelijk huldigde ik de opvatting dat je zoveel mogelijk samen met je partner moet doen. Dat leidde tot spanningen en frustraties. Ieder heeft nu eenmaal zijn eigen voorkeuren, tempo, stijl, temperament. Recentelijk hebben we geleerd om, naast enkele gemeenschappelijke activiteiten, te durven elkaar los te laten en individuele activiteiten steeds vaker een plaats te geven.”

• “Praten over masturbatie was in het ouderlijk huis taboe. Ik heb ervaren dat die geheimdoenerij niets constructiefs heeft en daarom heb ik dat in mijn eigen gezin anders aangepakt. Zo heb ik mijn zoon evenveel aandacht gegeven bij zijn eerste masturbatie, als mijn dochter bij haar eerste menstruatie.”

• “In mijn (vrienden)milieu heerst zo’n sfeer van: je móét dát boek gelezen hebben, díé film gezien hebben, die tentoonstelling mag je onder geen beding missen en naar die plek moet je zeker op vakantie. Vroeger nam ik die opvattingen over en gaf ik toe aan de enorme druk die dat

meebracht. Nu doe ik dat niet meer. Wat zo nodig hoefde, hoeft helemaal niet zo nodig, heb ik gemerkt en wat belangrijk is, dat bepaal ik zelf wel. Mijn leven is nu stukken rustiger en fijner, maar je moet er wel een beetje afwijzing bijnemen.”

Zo taai als gewapend beton

Sommige destructieve opvattingen kunnen ontzettend taai zijn, zeker als ze ooit zijn gezaaid op een kwetsbare groeibodem (de afhankelijke kindertijd of kwetsbare perioden als volwassene). Dan heb je een stevige methodiek nodig om ze eerst bewust te worden (wat dat is niet altijd het geval), ze vervolgens (te durven) loslaten en ze tenslotte om te buigen naar nieuwe, meer constructieve opvattingen.

Deze methodiek zien we in de cursus ‘Meer rust in je hoofd‘ 

Soms gaat het ook om kleine, banale opvattingen waarvan cursisten vertelden dat ze ze overboord hebben gegooid omdat ze merkten dat die opvattingen hun geen goed deden.

Enkele voorbeelden:

  • Een huis dat je bouwt of koopt, dat is een keuze voor het leven.Een boek moet je uitlezen, ook al boeit het je niet echt.
  • Een moeder moet altijd thuis zijn voor haar kinderen.
  • Ik ben te oud om te veranderen.
  • De tijd die je doorbrengt met niets te doen is verloren tijd.
  • Seks moet van in het begin goed zitten in een relatie.
  • (Partner)relaties zijn voor altijd.

Steunende opvattingen die je goed doen

Door de opvattingen die jou wel goed doen in het leven bewuster op de voorgrond te plaatsen, creëer je een eigen ‘referentiekader’: een stel van opvattingen die jouw eigen visie op en mening over dingen en gebeurtenissen inhouden en je waarden en normen reflecteren. Iets waardoor je kunt zeggen: dat ben ik, want zo denk ik. Het is goed om met zo’n eigen referentiekader door het leven te stappen. Komt er dan iets op je af (een gebeurtenis, een voorstel, eender wat), dan kun je, vóór je erop ingaat, eerst checken of het past binnen jouw kader. Let wel, ook zij hebben een vervaldatum.

Dit zijn enkele opvattingen die in mijn eigen leven steunend zijn geweest. Soms waren ze onbewust aan het kiemen en (h)erkende ik ze pas als ik ze las bij anderen. 

  • Ik ben verantwoordelijk voor de kwaliteit van mijn leven, niets of niemand anders, en het is dan ook mijn persoonlijke uitdaging om van mijn leven iets te maken waar ik met tevredenheid op kan terugkijken.
  • Doe anderen niet aan wat je niet zou willen dat je zelf wordt aangedaan. Deze eenvoudige opvatting uit de bijbel is voor mij een praktische gedragscode.
  • Het is belangrijk te kunnen aanvaarden dat sommige problemen nu eenmaal niet op te lossen zijn. Door me deze opvatting eigen te maken heb ik rust gevonden met betrekking tot een probleem waar ik niets aan kon veranderen en toch tegen bleef vechten, met alle frustratie vandien.
  • “Eigenlijk komt het erop aan te vertrouwen op je eigen krachten en niet meer te hopen op verlossing van buitenaf, niet te wachten op ideologieën of iemand die je vertelt hoe het moet.” (Simon Vinkenoog).
  • “Ik ga geduldig met mezelf om, omdat ik weet dat we bij elkaar moeten blijven tot de dood ons scheidt.” (Peter Hoeg).

Als uitwuiver nog een mopje om de taaiheid van opvattingen te illustreren:
Een jongen geloofde dat hij een lijk was. Niemand kon hem van die opvatting afbrengen. Hij kwam bij een dokter terecht en die vroeg hem: “Bloedt een lijk?” 
Waarop de jongen antwoordde: “Welnee, uiteraard niet.”
De dokter prikte in de vinger van zijn patiënt, met een bloedende vinger als gevolg. 

Waarop de jongen verbaasd reageerde: “Tiens, een lijk bloedt dus toch!”
Verandering is niet altijd makkelijk en vereist soms moed, steun en inspiratie.  Vandaar dat het zo belangrijk is om van elkaar te leren. 
Mocht je zelf, hoe moeilijk ook, bepaalde opvattingen bewust overboord gegooid hebben, deel het met ons hieronder. Delen is inspireren.

Dit is deels een fragment uit mijn boek Lessen in levenskunst, de praktijk van het positief denken.

Laat een reactie achter

Ik lees je graag. Het is heel fijn als je een reactie plaatst. Dat brengt leven in de brouwerij. Je emailadres is enkel om de bron van het bericht te verifiëren tegen spam, het wordt uiteraard niet gepubliceerd. Dank je wel voor je reactie!