fbpx

Hoe je koffieritueel je hoofd kan resetten

Ken je dat onderzoek waarbij men wou te weten komen of mensen die de gewoonte hebben alledaagse dingen met aandacht te doen zich beter voelden dan hun medemens die dat niet doet? Men belde daartoe ad random honderden subjecten op en stelde hen drie vragen:

  1. Wat ben je aan het doen?
  2. Met hoeveel aandacht doe je dit (op een schaal tussen 0 en 10)?
  3. Hoe voel je je (op een schaal tussen 0 en 10)?

Daarbij was men benieuwd of er een aantoonbare correlatie was tussen de mate van aandachtig bezig zijn en het zich goed voelen. 

De correlatie was opmerkelijk. Maar de verrassing kwam van het antwoord op de eerste vraag: Wat ben je aan het doen? Hieruit bleek dat men zich ook goed kon voelen bij zogenaamde vervelende handelingen of taken: poetsen, stomme karweitjes, lastig werk …  

Het effect werd niet ontlokt door wat men deed, maar door hoe men het deed, en dat was: met aandacht.

Het lukte me niet om niet te doen

Ik probeerde het eens uit en kwam op het idee om mijn koffie zelf op te gieten, versgemalen, met een filter op de tas. Had al een poosje maaglast van de koffie in capsules en herinnerde me hoe mijn grootvader koffiezette: met een ‘beurs’, een koffiekan en heet water. Volgens de regels die mijn grootvader me vijftig jaar eerder had geleerd liet ik de eerste kluts water helemaal doorsijpelen, de koffie moest ‘bloemen’. Pas dan bijvullen, liefst met kleine scheutjes. Nu duurde dat toch wel een hele poos. Belachelijk om zeggen, besef ik nu, want, ook al was het een grote mok, die ‘poos’ duurde amper twee minuten. Toch kon ik die niet passief uitzitten en terwijl het scheutje water doorliep begon ik snel iets te doen: afruimen, gauw iets opzoeken op internet… om dan weer snel-snel de volgende kluts water de filter in te gooien, want het mocht niet afkoelen. 

Het taboe op ‘tijd verliezen’ en de dictatuur van ‘altijd nuttig bezig blijven’ konden het niet hebben dat ik zo maar volkomen passief ‘niets zou doen’ gedurende vier maal een halve minuut. 

Terwijl ik van mezelf het beeld had van een door mindfulness dooraderde levensgenieter die alles rustig en bewust deed. Ja Charel, dat stak.

Dus bleef ik na elke scheut met samengevouwen armen voor de borst – dan kon ik niets doen – passief en aandachtig kijken naar het kookwater dat zich een weg baande door de koffiedrab. Ook het gieten zelf werd een handeling die met aandacht uitgevoerd werd: eerst met cirkelbewegingen de bovenste koffierand naar beneden werken, zorgzaam elk korreltje meenemend in de stroming, en na de laatste ronde nog een triomfantelijk plasje in het midden.

Zo ontstond een meditatieoefening in de categorie ‘iets banaal met aandacht doen’, een variante op de klassieker van het chocolaatje eten uit de Mindfulness Training .

Daar werd ik toch een beetje rustig van. Soms, en lang niet van de eerste keer. Het is een geleidelijk proces van afkicken geweest, want het taboe op ‘tijd verliezen’ en de dictatuur van ‘altijd nuttig bezig blijven’, losten niet zomaar hun taai geconditioneerde, ijzeren greep.

Maar mijn hoofd was me dankbaar omdat de gedachten even in de hangmat gingen liggen.

Dat ritueel verschoof geleidelijk naar een andere meditatievorm, eentje in de categorie ‘niet(s) doen’.

Dat ging zo: nadat ik het water met cirkelende bewegingen in de filter goot, keek ik niet langer geconcentreerd naar wat er gebeurde in de filter, maar verschoof de aandacht naar binnen. Ik genoot ervan om er gewoon te zijn en in die ene minuut gewoon niets te doen, er alleen maar te zijn. 

Wauw, dat was een hele stap. Taboe & Dictatuur’ riepen de noodtoestand uit en af en toe slaagden ze erin me een beetje in hun invloedssfeer te gijzelen. Op zo’n momenten gaf ik dan een tikkeltje toe en deed iets ‘actief’ of ‘nuttig’, maar niet vanuit de dwingelandij van prestatiegerichtheid. Ik koos daarentegen zeer bewust voor iets anders, iets lichamelijk. Met elke uitademing liet ik in mijn lichaam een spiergroepje los. Eerst dat van mijn voorhoofd, dan mijn wenkbrauwen en ogen, vervolgens mijn mond en zo verder tot in mijn voeten.

Dat was een goed compromis: tevredenheid in de bovenkamer (ik had ‘iets gedaan’) èn in mijn glimlachend lichaam.

Delen

Laat een reactie achter

Ik lees je graag. Het is heel fijn als je een reactie plaatst. Dat brengt leven in de brouwerij. Je emailadres is enkel om de bron van het bericht te verifiëren tegen spam, het wordt uiteraard niet gepubliceerd. Dank je wel voor je reactie!